Overdracht van het familiebedrijf in 5 vuistregels | Wat u moet weten | NL | Sequensis

Overdracht van het familiebedrijf in 5 vuistregels

Philippe Haspeslagh, bestuursvoorzitter van de diepvriesgroentenbedrijf Ardo, heeft als professor en tevens ervaringsdeskundige een specifieke affiniteit met familiale opvolging. Het is één van de heetste hangijzers voor de familiebedrijven nu de babyboomgeneratie hun pensioen naderen.

Deze bedrijfsleiders staan op een kruispunt : het bedrijf verkopen of binnen de familie houden. Hoe kan de familiale opvolging op een elegante en efficiënte manier-en vooral zonder ruzie- geregeld worden? Philippe Haspeslagh zet 5 vuistregels op een rij.

1. Splits de leiding van het bedrijf op

Volgens professor Haspenslagh kan tijdens de eerste en de tweede generatie van het familiebedrijf de eigenaar, de bestuursvoorzitter en de CEO nog dezelfde persoon zijn. Vanaf de overgang van de tweede naar de derde generatie is dit sterk af te raden. Een opsplitsing van het leiderschap dringt zich op. Sluit externe personen buiten de familie zeker niet uit. Zij kunnen eventueel het bedrijf sneller professionaliseren.

2. Maak afspraken onder welke voorwaarden de familie in het bedrijf mag werken

Spelregels vastleggen onde welke voorwaarden familieleden kunnen tewerkgesteld worden in het familiebedrijf variëren zeer sterk van bedrijf tot bedrijf.

" Bij Ardo is de familie toegelaten, maar pas als je 3 tot 5 jaar ervaring in een ander bedrijf hebt opgedaan en als een onafhankelijke consultant na een assessment stelt, dat je over het potentieel beschikt om door te groeien naar een leidinggevende functie".

3. Maak de volgende generatie aandeelhouders warm voor het bedrijf

Een bedrijf groeit lineair, een familie exponentieel, waardoor het aandeelhouderschap zich over de generaties heen versnippert. Hoe meer familietakken in het aandeelhouderschap, hoe moeilijker het wordt om mekaar goed te kennen en elkaar te vertrouwen.

Coaching en opleding zijn nodig om de nieuwe generatie aandeelhouders klaar te stomen.

Bij Ardo organiseren ze regelmatig intensieve familievergaderingen met presentaties en oefeningen. Er is ook een familieraad aanwezig waarin alle familiale aandeelhouders vertegenwoordigd zijn. De jongere generatie speelt hier een belangrijke rol in.

4. Management kan gedelegeerd worden, aandeelhouderschap niet

Hoe het aandeelhouderschap geregeld wordt over de generaties heen, wordt best ook vastgelegd. Hier zijn verschillende scenario's mogelijk.

"Bij Ardo hebben we een akkoord gesloten om voor tien jaar samen te blijven. Daarvan is vier jaar verstreken. Over zes jaar gaat de volgende generatie, met onze ondersteuning, onderhandelen over een verlenging. Ons streven is om die derde generatie zo warm te maken, en het bedrijf zo gezond, dat ze er op haar beurt voor gaat.", verklaart Philippe Haspeslagh.

5. Niemand mag voor zijn inkomen afhankelijk zijn van een pakket aandelen

"Maak dat familieleden als aandeelhouder niet financieel afhankelijk zijn van het familiebedrijf. Het is belangrijk dat alle familieleden een eigen carrière hebben, als ze niet in het familiebedrijf werken. Wie van het bedrijf afhangt, neemt minder ondernemend risico, en staat om de haverklap te hengelen naar dividenden. In sommige families vloeien de dividenden rijkelijk. De kinderen hebben niet leren werken, en de Porsches en Ferrari's vliegen je om de oren. Zoiets blijft niet duren.", concludeert professor Haspeslagh.

Bron : detijd.be

Gratis tips

Download de whitepaper
'11 Must do's voor een geslaagde overname'
en u ontvangt onze nieuwsbrief.